Dit is een vraag die regelmatig door mijn hoofd speelt. In ieder geval moeten we stoppen met het continu romantiseren van deze initiatieven en als corporate Nederland nou eens echt mee gaan spelen.

Maar hoe?

Grofweg zijn er twee strategieën als corporate: opkopen of zelf beter doen! Klinkt simpel, maar is toch best wel complex. Waarschijnlijk is de beste strategie om een mix te kiezen van beide, waarbij je maximaal je eigen corporate kracht gebruikt (ja, die heb je), en tegelijkertijd volledig de kracht van start-up innovatie kunt gebruiken.

Deze post verkent de mogelijkheden en je moet vooral verder lezen, als ook jij wilt weten hoe jij de digitalisering van de 21ste eeuw wilt overleven.

Waarom moet ik hier iets mee?

Eigenlijk hoef ik deze alinea natuurlijk niet meer te schrijven toch? De gemiddelde leeftijd van bedrijven neemt af.
avg age fortune 500
Dit komt mede doordat de digitalisering van producten en diensten de entree barrières in veel markten steeds lager maken. Er is dus meer concurrentie en daarom moet je beter je best doen om relevant te blijven.
Ten tweede, start-ups zijn hot! Iedereen wil voor een start-up werken en dus gaat het talent daar ook heen. Talent uit een toch al (te) krappe pool. Daarom moet je meer dan voorheen innoveren, omdat je anders de “war on talent” verliest.
Als laatste is er natuurlijk veel te winnen met digitale innovatie. De snelheid waarmee bedrijven tegenwoordig via digitale producten en diensten winstgevend kunnen worden is ongelofelijk, dus doe je het goed, dan doe je mee.

Wat zijn mijn mogelijkheden?

Er zijn eigenlijk maar twee manieren om met start-ups om te gaan. De eerste is om simpelweg een aandeel te nemen in een start-up of een veelbelovende start-up over te nemen. De andere is om zelf te gaan innoveren vanuit de eigen kracht in de organisatie.

De voordelen van aandelen en overnames is natuurlijk de snelle winst. De huid wordt vaak niet goedkoop verkocht, maar dan heb je ook wat. Helemaal mooi is het, de start-up actief is in een segment of markt, waar je zelf met je brand niet in wilt of kunt zitten (incumbent inertia). De nieuwe aanwinst is dan complementair aan de bestaande business. Bijvoorbeeld een grote bank, die een start-up overneemt die gericht is op het verkopen van kortlopend krediet aan midden- en kleinbedrijf.

Het nadeel is natuurlijk dat het moeilijk is om de bestaande assets over te hevelen. Bovendien wordt het nieuwe bijna nooit echt een onderdeel van de staande organisatie en misschien wil je dat ook helemaal niet. De kans bestaat namelijk dat de overgenomen start-up te veel beïnvloed wordt door het moeder bedrijf en daarom meegetrokken wordt door de zwaartekracht van bureaucratie en contraproductieve bestaande corporate gedragspatronen.

Daarbij komt, dat een succesvolle start-up vanzelf onderhevig wordt aan aanvallen van weer andere start-ups. De “kannibalen mindset” moet er in blijven! Facebook heeft daarom altijd gezegd, als wij ons eigen model niet disrupten, doet iemand anders dat wel. Misschien is het waar wat de CEO van Intel Andy Grove eens zei: “only the paranoid survive”.

Zelf innovatiever worden is natuurlijk ook een optie. Dat is echter behoorlijk complex. Meestal wordt innovatie binnen de corporate nog in een lab-setting geïsoleerd. Niet dat dit fout is, maar start-ups doen natuurlijk zoiets niet he. De start-up is namelijk het lab!

Het is grappig dat het lijkt alsof start-ups altijd nieuwe markten met nieuwe producten proberen te bereiken en dat we dit doorgaans bestempelen als “echte” innovatie. In een corporate setting worden namelijk alle product-marktcombinaties in een portfolio gezet (bijvoorbeeld een BCG-matrix) en gaat het om balans tussen huidige business en nieuwe business en de juiste cashflow verhoudingen.
Nou is het leuke dat start-ups maling hebben aan jouw portfolio en dus in elk kwadrant concurreren, zij het business die voor jou in de volwassenheid zit, of in de groei of in je lab-fase. Start-ups zijn simpelweg in de meerderheid en opereren los van elkaar op verschillende fronten. Dit betekent dat feitelijk iedereen in de corporate setting onder vuur ligt door start-ups en dus dat ook iedereen ongeacht de rol in het portfolio moet leren innoveren. Een voorbeeld van hoe waardevol het is om deze mindset te adopteren is het verhaal van deze jongeman uit 1973, hij werkte voor Kodak.

Je hele bedrijf veranderen is natuurlijk een ontzettende klus en als alternatief zou je ook kunnen kiezen om hetzelfde effect te creëren als bij een overname; het bewust lanceren van eigen start-ups voldoende los opgezet van de moederorganisatie om te versnellen. Deze eigen start-ups moeten directe concurrenten worden van de huidige business en zo succesvol worden dat iig een deel van de bestaande eigen en concurrerende business daar naartoe stroomt. Grote corporates kunnen zich op die manier meer en meer omvormen tot een netwerk van start-up nodes, waarbij het moeder bedrijf ondersteund en strategische complementaire nodes aankoopt waar nodig. Hoe zo’n node er uit ziet en hoe je dit organiseert is voer voor een volgende post.

Mocht je niet kunnen wachten en dit eerder willen weten dan kun je natuurlijk altijd bellen voor een gesprek.